Tarieven en afgifterecht

In Nederland is de Wet voorkoming verontreiniging door schepen van kracht. Zeeschepen zijn verplicht om een afvalheffing te betalen voor het innemen en verwerken van scheepsafval. In ruil hiervoor krijgt het zeeschip (een deel van) de afgiftekosten vergoed.

Afvaltarieven

Scheepsafval moet u in principe altijd afgeven bij aanloop van een van de havens in het Noordzeekanaalgebied, behalve als u voldoet aan de voorwaarden.

Bekijk deze voorwaarden hier.

Volgende aanloophaven Annex I1 Annex IV Annex V2

Volgende aanloophaven is een EU3-haven

De kapitein hoeft sludge en/of bilgewater niet af te geven indien voor dit type afval nog minstens 25% van de tankcapaciteit beschikbaar is.

De kapitein hoeft Annex IV afval niet af te geven indien voor dit type afval nog minstens 25% van de tankcapaciteit beschikbaar is.

De kapitein hoeft Annex  V afval niet af te geven indien voor dit type afval nog minstens 75% van de daarvoor bestemde opslagcapaciteit beschikbaar is.

Volgende aanloophaven is geen EU3-haven en/of onbekend

De kapitein hoeft sludge en/of bilgewater niet af te geven indien voor dit type afval nog minstens 75% van de tankcapaciteit beschikbaar is.

De kapitein hoeft Annex IV afval niet af te geven indien voor dit type afval nog minstens 25% van de tankcapaciteit beschikbaar is.

Voor dit type afval moet 100% van de daarvoor bestemde opslagcapaciteit4 aanwezig zijn.

1 Annex I: De capaciteiten van de sludge- en de bilgetank moeten apart worden beoordeeld. De       tankcapaciteiten staan vermeld in de bijlage bij het IOPP-certificaat.
2 Annex V: Zie: Annex V van Marpol (resolutie MEPC.201(62)), of de Richtlijnen uit 2012 voor de implementatie van Annex V van Marpol (resolutie MEPC.219(63)).
3 EU: Met inbegrip van IJsland, Noorwegen, Rusland en de EU-landen.
4 100% moet worden beoordeeld tijdens de inspectie. Verplichte afgifte moet evenredig zijn.

 

  • Voldoende (toepassingsspecifieke) capaciteit van Annex V is gebaseerd op het Havenafvalplan.
  • In geval er een verplichte afgifte van afval geldt, moet al het afval van dat type worden afgegeven.
  • Een ankerplaats/afmeervoorziening geldt als “volgende haven niet bekend”, tenzij het schip alleen EU-havens aandoet.

De afvalheffing moet u altijd betalen bij aanloop van een van de havens in het Noordzeekanaalgebied, ook als u geen scheepsafval af te geven heeft.

De afvalheffing hangt af van de GT-maat van het zeeschip

Gross Tonnage Afvalheffing
≤ 3000 GT €100 + 0,06 * GT-maat (afgerond op hele €)

≥ 3001 GT

€280 + 0,01 * GT-maat (afgerond op hele € en maximaal € 580)

 

Milieuvriendelijke schepen verdienen korting

Als uw zeeschip alleen gasolie, dieselolie of LNG gebruikt als brandstof voor de hoofdvoortstuwing, krijgt u een korting van 25% op de afvalheffing.

Uw milieukorting vraagt u hier aan »
Hier vindt u een lijst met milieuvriendelijke schepen »
 

Voor elke GT-maat geldt de volgende vergoeding voor de afgifte van scheepsafval

Afvalsoort

Vergoeding afgiftekosten

Annex I:
Vloeibare residuen uit de machinekamer (afgewerkte olie, sludge en bilgewater)

€ 200 + € 15 per ingezamelde m3

Annex V:
1) huisvuil, voedselrestanten en plastic (met uitzondering van ladinggebonden afval als stuwhout en segregatiekleden)
2) klein gevaarlijk afval

1) € 200 + € 25 per ingezamelde m3, met een maximum van 6 m3.  De afgifte van schoon en gescheiden aangeleverd plastic boven 6 m3 is gratis.

2) € 100 per afgifte

 

De vergoeding voor de afgiftekosten wordt door het Meldpunt Scheepsafval uitbetaald aan de havenontvangstvoorziening. De havenontvangstvoorziening brengt deze vergoeding vervolgens in mindering op de factuur voor het afgevende zeeschip. Daarnaast kan de havenontvangstvoorziening een aantal kosten direct in rekening brengen bij het zeeschip of de rederij, waaronder de volgende:

  • Een afgifte buiten de vergoeding voor de afgiftekosten
  • Een afgifte van andere afvalsoorten dan de soorten hierboven  
  • Extra kosten die ontstaan door vermenging van huisvuil en klein gevaarlijk afval
  • Extra kosten die ontstaan door onvolkomenheden veroorzaakt door het schip

Bekijk de spelregels voor de tarieven

  • Het International Tonnage Certificate (1969) is leidend voor de GT-maat.
  • >Per bezoek betaalt een zeeschip eenmaal een heffing en ontvangt hiervoor eenmaal het afgifterecht voor Annex I en eenmaal het afgifterecht voor Annex V.
  • Per bezoek kunnen maximaal twee havenontvangstvoorzieningen worden ingezet. Als het schip binnen de regio verhaalt en al Annex I of V heeft afgegeven, valt de volgende afgifte buiten het afgifterecht.
  • Het totaal aan ingezamelde m3 afval geldt voor het schip dat aangegeven is op het S-formulier of de S-formulieren.
  • Het totaal aan ingezamelde m3 afval wordt vervolgens naar boven afgerond op hele m3.
  • De limiet voor de m3 van annex I is gelijk aan de opslagcapaciteit voor de machinekamer van het schip dat is aangegeven op het supplement van het International Oil Pollution Prevention Certificate (IOPP).
  • Het vaste bedrag van € 200 wordt eenmaal uitgekeerd aan de rederij of scheepsagent die de Havenontvangstvoorziening gekozen heeft voor annex I en eenmaal voor annex V.
  • Als de Havenontvangstvoorziening met hetzelfde inzamelmiddel gelijktijdig annex I en V inzamelt, wordt eenmaal de vaste vergoeding van € 200 uitgekeerd.
  • De havenontvangstvoorziening is verantwoordelijk voor de juiste hoogte van het afgifterecht op de nota aan het schip of de rederij. De agent heeft hierin een controlerende rol.
  • In geval van geschillen over de hoogte, neemt het Centraal Meldpunt Afvalstoffen de beslissing.

Besluit Tarieven Havenafvalplan

Heeft u vragen? Neem dan contact op met de Divisie Havenmeester, Portoffice.