Het gebied zoals aangegeven conform tekening N0822v01 (als bijlage) gelegen in de Moezelhaven te Amsterdam heeft met ingang van 11 juli 2024 een invaarverbod met uitzondering van vaarverkeer welke bestemd is voor de jachtwerf in de Moezelhaven.
Het invaarverbod in te stellen voor het waterperceel aangegeven op de tekening met kenmerk N0822v01 per 11 juli 2024 met uitzondering van schepen die bedoelde jachtwerf als bestemming hebben. Dit invaarverbod duurt voort zolang het waterperceel exclusief in gebruik is gegeven aan de jachtwerf.
Besluit tot het intrekken van het besluit nr 042 /RHN /2013 d.d 28 maart 2013 en het opnieuw en gewijzigd aanwijzen van een operationele ruimte en de daarvoor geldende beperkingen en voorschriften voor Cargill Amerikahaven.
Besluit om het gebruik van de MOBI1-applicatie verplicht te stellen voor Port Facility Security Officers (PFSO’s) van ISPS2-faciliteiten in het Noordzeekanaalgebied (Gemeenten Amsterdam, Velsen, Zaanstad en Beverwijk) ten behoeve van de ISPS-certificering en het toezicht op de naleving van verplichtingen die hieraan zijn verbonden.
Besluit tot het intrekken van het besluit nr 2020/ 013 d.d 17 april 2020 en het opnieuw en gewijzigd aanwijzen van een operationele ruimte en de daarvoor geldende beperkingen en voorschriften voor de ligplaatsen van Wachtsteiger 1 Sonthaven.
Besluit tot het intrekken van het besluit nr 2023/040 d.d 04 oktober 2023 en het opnieuw en gewijzigd aanwijzen van een operationele ruimte en de daarvoor geldende beperkingen en voorschriften voor de ligplaatsen van Afrikahaven Wachtsteiger 7.
Het volgende bijkomende teken voor een binnenvaartschip tijdens de bunkeractiviteit van de in dit lid aangewezen brandstoffen energiedragers:
het teken en de aanwijzing als bedoeld in artikel 3.33 van het Rijnvaartpolitiereglement (RPR1995).
De onderstaande minimale passeerafstanden voor genoemde schepen tijdens de bunkeractiviteiten als bedoeld in artikel II:
1. voor een binnenvaartschip, te allen tijde minimaal 10 meter;
Bij het (de)bunkeren van methaan, methanol en waterstof is het nodig om eisen te stellen aan andere havengebruikers, de passerende scheepvaart, zodat die op veilige afstand blijven van deze bunkeractiviteit. Hierdoor wordt het aanvaringsrisico beperkt en kan de passerende scheepvaart niet dienen als bron van ontsteking bij de minieme kans in het geval van eventuele lekkage bij de bunkeractiviteit.
De passerende scheepvaart weet dat er ge(de)bunkerd wordt, omdat het schip dat ge(de)bunkerd wordt een aanvullend teken moet voeren.
Besluit tot het intrekken van het besluit nr 020/RHN/2016 d.d 13 juli 2016 en het opnieuw en gewijzigd aanwijzen van een operationele ruimte en de daarvoor geldende beperkingen en voorschriften voor de ligplaatsen van CWT/Sitos.
Akkoord verlening voor de Energy Stockholm voor het bunkeren van vloeibaar methaan(LNG).
Deze accordering geldt van 12 december 2024 tot 1 maart 2026 binnen de gemeenten Amsterdam, Velsen en Zaanstad.