Vaststelling maximum vaarsnelheid Noordzeekanaal en het Afgesloten IJ tot aan het Stenen Hoofd in Amsterdam

2020/35
From 30 Jul 2020
Area -

De directeur van het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied, tevens (Rijks-)havenmeester, maakt het volgende bekend:

Gelet op:

Artikel 3, 4, 5 en 7 van de Scheepvaartverkeerswet;

Artikel 5.01, eerste lid Binnenvaartpolitiereglement;

Artikel 13, Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer;

Besluit mandaat nautische rijkstaken Noordzeekanaalgebied 2013.

Overwegende:

  • dat de directeur van het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied namens de DG Rijkswaterstaat gemandateerd is om besluiten met dezelfde strekking als een verkeersteken te nemen bij of krachtens de Scheepvaartverkeerswet;
  • dat ter waarborging van een veilige, vlotte en milieuverantwoorde afwikkeling van het scheepvaartverkeer en ter instandhouding van de bruikbaarheid van de vaarweg, de snelheid van schepen aan een maximum is gebonden;
  • dat een maximum snelheid er eveneens toe bijdraagt dat schade door het scheepvaartverkeer aan de waterhuishouding, oevers, kunstwerken en de ligplaatsen gelegen in die vaarweg, wordt voorkomen of beperkt;
  • dat het plaatsen van verkeerstekens in dit geval niet doelmatig is;
  • dat uit onderzoek is gebleken dat schepen met een bepaalde diepgang aan onderwater kunstwerken (tunnels) schade zouden kunnen varen omdat zij te weinig kielspeling hebben, wanneer zij met de bestaande maximumsnelheid varen;
  • dat dit besluit ervoor moet zorgdragen dat een zo veilig mogelijke kielspeling bij alle toegelaten schepen in het Noordzeekanaalgebied is gewaarborgd;
  • dat schepen die dieper steken dan 13,10m s.w.¹ ; 13,40 f.w.² tot maximaal 13,75m s.w. ; 14,05m f.w. een ontheffing nodig hebben om het  sluizencomplex in IJmuiden te mogen passeren;
  • dat met dit besluit de juridische grondslag wordt gelegd om met zeeschepen met een veilige snelheid en een zo veilig mogelijke kielspeling in het Noordzeekanaalgebied en het afgesloten IJ te mogen varen met dan wel zonder ontheffing in vorenbedoelde zin;
  • dat met dit besluit de eerder geldende besluiten worden ingetrokken;
  • dat de hierna te stellen regels duidelijk en handhaafbaar zijn.

____________________________________

¹ Diepgang afgelezen in zout water

² Diepgang gemeten in zoet water

 

Besluit:

artikel 1:

De maximum snelheid voor schepen op het Noordzeekanaal met inbegrip van het Noorder- en Zuiderbuitenkanaal alsmede de toeleiding kanalen naar de sluizen te IJmuiden en het Afgesloten IJ, tot aan de westkant van het Stenen Hoofd te Amsterdam, bedraagt:

a.  bij een diepgang van minder dan 4,00m  : 18 km/u of 9,7 knopen;

b.  bij een diepgang van 4,00 m tot 8,00m    : 14 km/u of 7,6 knopen;

c.  bij een diepgang van 8,00m of meer         : 12 km/u of 6,5 knopen;

d.  in uitzondering van het bepaalde onder c, bedraagt de maximum snelheid bij het passeren van de Velserspoor- en verkeerstunnel (tussen kilometermarkering Noordzeekanaal km 4.1 en km 4.3).

  • voor schepen met een diepgang tussen 13,25m s.w.¹ en 13,55m s.w.; 13,55m f.w.² en 13,85 f.w.: 8 km/u of 4,3 knopen;
  • voor schepen met een diepgang tussen 13,55m s.w.¹ en 13,75 s.w.; 13,85m f.w.² en 14,05m f.w.: 6 km/u of 3,2 knopen met verplichte assistentie van een achter-sleepboot en zo nodig een tweede sleepboot op aanwijzing van de loods;

NB.: Bij passages van schepen zoals bedoeld onder d. van genoemde tunnels, is het niet toegestaan deze schepen te ontmoeten of op te lopen.

artikel 2:

Het in artikel 1 bepaalde is niet van toepassing op kleine schepen zoals bedoeld in het Binnenvaartpolitiereglement, (schepen met een lengte tot 20 meter) waarvoor een maximale snelheid geldt van 20 km/u of 10,8 knopen.

artikel 3:

De directeur CNB kan ontheffing verlenen op het gestelde in artikel 1.

Aan deze ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.

artikel 4:

Dit besluit treedt in werking op 30 juli 2020. 00:00 uur lt. Met de inwerkingtreding van dit besluit wordt het besluit opgenomen in Basijn nr, 20/2020, van 13 mei 2020 ingetrokken.

 

Namens de Directeur Generaal van Rijkswaterstaat

De directeur van het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied,

 

J.H.M. Mateyo

 

Heeft u vragen over deze basijn, dan kunt u contact opnemen met dienstdoende Manager Operatie op telefoonnummer +31(0)20-5234692.

 

Ingevolge de Algemene Wet Bestuursrecht kan tegen dit besluit schriftelijk een bezwaarschrift worden ingediend. Het bezwaarschrift moet worden ingediend bij het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaal, postbus 19406, 1000 GK Amsterdam. Het bezwaarschrift dient te worden ondertekend en bevat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht, alsmede de gronden van het bezwaar. Indien u er voor kiest om u te laten vertegenwoordigen, verzoeken wij u om een machtiging te (laten) overleggen. Het indienen van een bezwaar heeft geen schorsende werking. Indien onverwijlde spoed dit vereist kan, hangende de bezwaarschriftenprocedure, een schorsing of voorlopige voorziening worden gevraagd bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag, Sector bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag. Hieraan zijn griffiekosten verbonden.